De uitingen van de Geest

1 Cor.14:1 -streeft naar de gaven van de Geest,-  12. Zo moeten jullie, omdat je naar geestelijke gaven streeft, trachten uit te munten tot stichting van de gemeente. 32. De geesten van de profeten zijn aan de profeten onderworpen.

Naar mijn mening ben ik best netjes en zijn de leefruimten van mijn huis redelijk opgeruimd. Maar op mijn werk kom ik regelmatig mensen tegen met een veel grotere gave voor orde en netheid. Ik leg nog wel eens ergens iets neer, met de intentie er straks mee verder te gaan. Het stoort me niet als mijn plantenpotten verschillende kleuren hebben en ik krijg geen jeukende handen van dingen die los in mijn keukenkastje liggen. Sommige van mijn collega’s zouden dat onacceptabel vinden dus op de werkvloer zoek je daarin samen naar een consensus, waarin alle partijen het misschien niet precies hebben zoals ze het persoonlijk zouden doen, maar waarin rust en werkbaarheid wordt bereikt.

Als het gaat over de uitingen van de Geest en wat daarin gepast gedrag is in het huis van God, levert dat gelijksoortige knelpunten op als de netheid van een gezamenlijke werkvloer. Vrijmoedige, creatieve mensen kunnen een uitdaging zijn voor mensen met een ander idee over orde en netheid.
De valkuil is te vervallen in een discussie of sommige uitingen wel van de heilige Geest zijn. Met de Bijbel in de hand kunnen voor en tegenstanders zowel hun gelijk als het ongelijk onderbouwen om iets goed te keuren of af te wijzen. Maar daar is Gods woord nooit voor bedoelt. Je kan jezelf aan het woord van God toetsen, maar niet de ander ermee veroordelen. Ieder zal zelf verantwoording aan God moeten afleggen over wat hij wel of niet in de Geest heeft geuit.

Waar je het wel samen over kunt hebben is de plaats en de tijd waarop de gaven van de Geest worden geuit. Niet alle uitingen bouwen de gemeente op. Dat wil niet zeggen dat ze niet geuit zouden mogen worden, maar dat de leden van het huis daarin samen op zoek mogen gaan naar een consensus die leidt tot een gezamenlijke vrede.
God heeft geen huis vol regels, Hij wil een huis van vrede. Dat is een keuze die met het hart wordt gemaakt. Een gezamenlijk streven waarin bewust wordt gekozen de ziel te onderwerpen tot wederzijds respect, verdraagzaamheid en waardering; net als alle uitingen van de heilige Geest.

Advertenties

Ben jij bang voor de heilige Geest?

Joh.4:24 God is Geest (pneuma) en wie Hem aanbidden, moeten aanbidden in geest (pneumati) en in waarheid.

“In den beginne” toen alles duisternis was en er geen licht te vinden was; toen alles woest was, zonder leven en orde; toen alles leeg was….zweefde Gods Geest (pneuma) over die leegte en duisternis en dat veranderde alles.
Niets bleef hetzelfde, maar alles wat er kwam was goed; tov, volmaakt zonder vlek of rimpel.
Het was God zelf die erover zweefde, want God is Geest, onderstreept Johannes nog eens heel duidelijk.
Het is God/Geest is het die spreekt, die schept, die licht gebied en duisternis ervan scheid. God/Geest doet vaste grond tevoorschijn komen, doet bomen groeien, doet vrucht dragen en schept overvloedig leven.
Zoals in het begin van de schepping werkt God met Zijn heilige Geest in ons leven. Al wat Hij schept is tov en al wat we verliezen is duisternis, leegheid en wanorde.
Vanaf het 1ste woord in Genesis tot aan het laatste woord in Openbaringen is dit hoe Gods Geest zich laat zien, als goed, tov, met vruchten van volmaaktheid, vrede, liefde, goedheid, genade, blijdschap, enz.

Het woord wat Johannes gebruikt voor aanbidden is “proskuneó”, dat betekend :”voorover leunen om te kussen”. Het is onmogelijk om dit op 1 vaste plek te doen, zoals de Samaritaanse vrouw verondersteld. Je liefde en dankbaarheid uiten naar een God die Geest is, kan niet worden vastgebonden aan tastbare aardse zaken, tijd en menselijke regels. Wanneer je Hem kussen wil zal je dat alleen in de geest kunnen doen.
Vanuit de uitspraak van Johannes, dat ‘God Geest is’; ziende op hetgeen het bewegen van God/ Geest, hetgeen Hij doet en schept, bevinden we ons als mens in een onmogelijke positie wanneer we bang zijn voor de heilige Geest.  Bang zijn voor de heilige Geest staat gelijk aan bang zijn voor God zelf. Het snijdt ons af van het licht en leven waar we naar verlangen, en maakt het voor ons niet mogelijk om God te aanbidden.
Door zo duidelijk voor te spiegelen wat je buitensluit wanneer je bang bent voor de heilige Geest,  wil ik je uitdagen om je hart te onderzoeken en af te rekenen met iedere angst voor de heilige Geest. Heb het er met God over en spreek naar Hem uit wat er zo spannend aan vindt en laat je door God van je angst verlossen, zodat je vrij zal zijn.

Brood dat alle honger stilt.

Pinksteren
Het feest van de eerstelingen

Zeven weken na Pesach, ons Paasfeest waarop Jezus is opgestaan, vierden de Joden het wekenfeest, ‘sjawoeoth’. Dit wordt ‘het feest van de eerstelingen’ genoemd.
Een onderdeel daarvan was als volgt:
A. Er werden met beide feesten broden gebakken, die als dankoffer aan God in de tempel worden gebracht. Met Pesach werd er een offer van de 1st gerijpte gerst als broden gebracht
B. En 7 weken later, met Pinksteren, was de 1ste tarwe rijp. Met het Feest van de Eerstelingen werd er een tarwe brood gebakken en geofferd.
C. Deze 2 brood-offers bracht het volk gezamenlijk en daarnaast bracht men individueel een offer van de 1ste opbrengst van hun eigen land, bijvoorbeeld druiven en vijgen.

Precies op dit “eerstelingenfeest” kwam de uitstorting van de heilige Geest. Jeruzalem was vol met mensen die hun offer kwamen brengen en God gaf hun door de uitstorting van de heilige geest, meer terug dan ze hadden kunnen bedenken.
De beeltenis die hieruit spreekt is als volgt:
A. Met Pesach waren allen uitgenodigd om deel te hebben aan 1 en hetzelfde brood, Jezus Christus. Hij is het (gerst) brood dat uit de hemel was neergedaald.
B. Met Pinksteren mogen allen deel hebben aan het (tarwe)brood dat uit de hemel neergekomen is, het manna van God. En “er vertoonden zich aan hen tongen als van vuur, die zich verdeelden en het zette zich op ieder van hen; en zij werden allen vervuld met de heilige Geest”, (Hand.2:3-4). God stortte Zijn Geest uit op alle vlees 2:17, jong en oud, hoog opgeleiden en arbeiders, mannen en vrouwen. Zonder onderscheid hoorden inwonende Joden en mensen uit alle windstreken spreken van Gods grote daden..
C. Naast deze uitstorting waar ze allen deel aan hadden, was er een individuele aanraking van God, v17-18. De 1 zal profeteren, anderen zullen gezichten zien, dromen dromen en nog vele andere varianten werden vrij gezet.

De 1ste oogsten en het offer van de eerstelingen, zijn slechts een fractie van de totale oogst die volgt. Enkel broodjes dragen de beloften van zoveel meer, een 30, 60 en 100-voudige opbrengst.
De mens brengt 2 broodjes en Jezus geeft er een hemelse vermenigvuldiging aan, die genoeg is voor iedereen die aan Zijn voeten gaat zitten. Wil jij aan Zijn voeten gaan zitten? Hij klopt aan jou deur, Hij wil maaltijd met jou houden en je brood geven die alle honger stilt.

Vuur.

1 Tess.5:19 dooft de heilige Geest niet uit.
Het kaarsje wat ik s’avonds voor de gezelligheid aansteek is met 1 flinke zucht gedoofd, maar de grote vuren die met Pinksteren op verschillende plaatsen worden ontstoken zijn minder gemakkelijk te blussen. Dan kan je met zijn allen heel hard blazen, het zal weinig effect hebben.
De vergelijking met vuur maakt duidelijk dat we niet zozeer bang moeten zijn om “per ongeluk” iets verkeerd te doen, waarmee je de Heilige Geest hebben beledigt en dooft. Het is effectiever om te leren hoe je een groot vuur maakt, wat niet gemakkelijk te doven is en hoe je zo’n vuur moet voeden. Hoe groter het vuur, des te lastiger is het te doven.
In die vergelijking zijn wij zelf de brandstof. Dit bestaat uit de dingen die we zelf bijeenbrengen, zoals bijvoorbeeld onze getuigenissen. Brandhout is onze gerichtheid, onze basisinstelling, hoe we naar dingen kijken en over dingen denken (liefde, genade, zachtmoedigheid en nederigheid). Brandstof is onze levensstijl, de ruimte die we God geven in onze dagelijkse dingen (gehoorzaamheid en trouw); het is onze aanbidding, gebed (God eren boven al het andere), Bijbel lezen, luisteren naar God en het voeden van onze persoonlijke relatie met Hem. Dat alles maakt al een stevige brandstapel en het onderhouden van deze zaken voegt steeds weer brandhout toe, zodat het vuur door blijft branden.
Iets anders wat essentieel is voor vuur, is zuurstof. Je kan een flinke steekvlam hebben wanneer de vlam in de pan slaat, maar die is eenvoudig te doven door de deksel op de pan te schuiven. Isolatie is dodelijk voor vuur. Snij vuur af van zijn zuurstof en zijn brandstof, koel de vuurhaard met foam of water en het grootste vuur zal doven.
Dus gooi je “geestelijke ramen en deuren” open, ontmoet broers en zussen, aanbid samen, sta open om te leren, maar blijf niet op jezelf zitten.
Er wordt misschien negatief aangekeken tegen mensen die veel “conferentie-shoppen”, maar dat is een lelijke negatieve interpretatie die niemand opbouwt. Als ergens het vuur van de heilige Geest de mogelijkheid krijgt om met veel zuurstof aangeblazen te worden, dan is het op plaatsen waar mensen bij elkaar komen om God te aanbidden en te zoeken. Een plaats waar de Geest welkom is en vrij mag bewegen.
Gebed: Heer is bidt dat we allemaal geweldige piromaantjes mogen worden; mensen die weten hoe ze een goed brandje van Uw heilige Geest kunnen maken en brandend houden, in Jezus naam.