God de Bewaarder.

Deut.6:10-11 Wanneer nu de HERE, uw God, u in het land zal gebracht hebben, waarvan Hij uw vaderen, Abraham, Isaak en Jakob, gezworen heeft het u te zullen geven – grote en goede steden, die gij niet gebouwd hebt; huizen, vol met allerlei goederen, waarmee gij ze niet gevuld hebt; uitgehouwen bakken, die gij niet uitgehouwen hebt; wijngaarden en olijfbomen, die gij niet geplant hebt – en gij gegeten hebt en verzadigd zijt, neem u er dan voor in acht, dat gij de HERE niet vergeet, die u uit het land Egypte, uit het diensthuis, geleid heeft. 13 De HERE, uw God, zult gij vrezen, Hem zult gij dienen….

Dit is God de Bewaarder.
“Gij zult…”, dit is Gods manier om te beschermen, wie zijn wij om daar kritiek op te hebben!
We zijn geneigd om te roepen dat we niet meer onder de wet leven, maar Zijn kinderen zijn Hem na de jaartelling, niet minder kostbaar als in de jaren voor Christus.
Jezus heeft de prijs betaald voor de gevolgen van het overtreden van die wet!!! Maar hij heeft de wet niet afgeschaft, Hij heeft hem VOLBRACHT. Zijn laatste woorden waren “het is volbracht!”.
Geen “tittel of jota” gaat er af van de Bescherming van God.
Moeten we dan nu weer terug naar offers en voedselvoorschriften? Nee, dat denk ik niet, we mogen richten op hetgeen de wet boven alles wil beschermen : Onze relatie met God en ons hart. 6:6 “Wat Ik u heden gebied zal in uw hart zijn”.
Je hart, is dat wat we boven alles moeten beschermen (spr4:23  )
Als dit woord van God, is wat in je HART is, ben je boven alles goed Beschermt, onder de vleugels van de Bewaarder.
6:4 Hoor Israël,( hart van Pietje, Klaasje, Keesje)  Hoor, de Here is onze God; de Here is één! Gij zult de Here, uw God, liefhebben met geheel uw hart en met geheel uw ziel en met geheel uw kracht.
God waarschuwt de Israëlieten voor komend gevaar, als je alles in gebruik hebt genomen wat je nodig hebt en je geen concrete zorgen meer hebt voor de dag van morgen, zorg er dan voor dat je God niet vergeet. In de situatie waarin wij leven bevinden we ons in het gevaar, dat we ons verliezen in alles wat aan ons trekt; alles wat onze aandacht opeist; alles waar we aan moeten voldoen. We moeten het nieuws bij houden, op de hoogte zijn, we moeten onze mail beantwoorden, onze contacten onderhouden, die film gezien hebben, de nieuwste trends kennen……
De “gij zult”, van de wereld om ons heen klinkt zoveel luider, als de “Gij zult”, van dit woord. God legt ons niet in een kluis om ons veilig te bewaren. Hij geeft ons de keus om ons veilig te laten bewaren door Hem. Je hoeft niet onder Gods bescherming te leven,… je mag.DSC_1503
Maar als we er dan voor kiezen om God als onze Bewaarder te willen, laat Hem je dan ook bewaren en stap in Zijn bescherming. Kies ervoor om de woorden van dit boek te lezen en te overdenken. Zoek Gods aangezicht om Hem te vragen naar dit woord dat zegt “gij zult”, en vraag Hem persoonlijk Heer : Hoe geef ik dit vorm in mijn persoonlijke leven?  Hoe wandel ik in de vreze des Heren?
Laat de “gij zult” van God onze Bewaarder, harder in ons hart klinken als het “moeten” van de wereld.

Hoeveel geboden?

bron: http://www.bureaublad-achtergronden.nl/
bron: http://www.bureaublad-achtergronden.nl/

Ex.20 De tien geboden
613 mizvot in de Thora/ 1000 geboden in het Nieuwe Testament

Denk je dat dit er veel zijn?
Er zitten een aantal overlappende voorschriften in het oude en het nieuwe testament, dus als we een grove schatting maken, hebben we het mogelijk over 1000 voorschriften.
In Nederland is de wet een levend systeem van wetten die worden afgeschaft en nieuwe wetten die worden aangenomen of oude wetten die worden aangepast.  In 2010 waren er zo’n 7.870 wetten geldend en daar bovenop dienen we ons te houden aan de Europese verdragen, wat er op dat moment zo’n 2.435 waren. Grofweg zo’n 10.000 wetten waar wij ons als Nederlanders aan te houden hebben.
Je kan je aanmelden als bezoeker voor de 2de kamer in Den Haag, dan krijg je een rondleiding door het oude en nieuwe gebouw, waar de politici hun werk doen. En ze laten je zien waar al die wetboeken staan. Dan kom je in een kamer vol boeken, van het plafon tot aan de vloer, drie verdiepingen vol.
Daar steken Gods geboden qua omvang, in 1 boek, maar povertjes bij af.
Er is in Gods wetgeving dus veel niet beschreven.
In hoofdlijnen regelt de Bijbel twee zaken: De verhouding van de mens tegenover God; en de verhouding van de mens tegenover elkaar.
Er wordt door de wet in de Bijbel slechts een selectief aantal zaken van een penalty voorzien, de vraag rijst daardoor : Waarom staan dan precies deze wetten in het oude testament?
Laten we één aspect hiervan nog eens onder de loep nemen. In het vorige stuk hebben we nagedacht over de mogelijkheid dat het tijdsmoment van wetgeving  te maken zou kunnen hebben met het tegen gaan van de verontreiniging van het land. Deut.7: 1 “Wanneer de HERE, uw God, u in het land gebracht zal hebben, dat gij in bezit gaat nemen, en Hij voor u uit vele volken verdreven zal hebben, de Hethieten, de Girgasieten, de Amorieten, de Kanaänieten, de Perizzieten, de Chiwwieten, en de Jebusieten, zeven volken, talrijker en machtiger dan gij. Lev.18:24 Verontreinigt u niet door dit alles, want door dit alles hebben zich verontreinigd de volken die Ik voor u uit wegdrijf. 25 Het land toch werd verontreinigd en Ik vergold daaraan zijn ongerechtigheid, zodat het land zijn inwoners uitspuwde. 26 Gij echter zult mijn inzettingen en mijn verordeningen in acht nemen en geen van deze gruwelen doen”.
Hetgeen deze 7 volkeren doen, beschrijft God als zeer gruwelijk!
De wet beschrijft tot in de detail, op welke wijze zij het voorbeeld van deze 7 volkeren NIET moeten volgen. Ze mogen NIET kijken hoe deze volkeren hun goden vereerden. v30 Zo zult gij het voorschrift dat Ik u geef, in acht nemen, zodat gij de gruwelijke inzettingen niet doet, die vóór u gedaan werden, opdat gij u daardoor niet verontreinigt. Ik ben de HERE, uw God.
De handel en wandel van de volkeren die God niet eren, doet God ertoe over gaan om deze volken voor Zijn aangezicht weg te drijven. De opdracht om niet zo te handelen, brengt niet alleen de heiligheid van God tot uitdrukking, maar ook Zijn verlangen dat er geen scheiding hoeft te worden aangebracht tussen Hem en Zijn volk. (Voor de duidelijkheid, ik zie de uitdrukking “Gods volk” in de breedste zin van het woord en niet slecht beperkt tot Israël.)
God beschermt de relatie die Hij met Zijn volk heeft.

twee stenen tafelen

bron:http://www.kinderkorf.nl/

Gen.20:1-2 Toen sprak God deze woorden: Ik ben de Here uw God, die u uit het land Egypte, uit het diensthuis,  geleid heb. Gij zult……

De vraag die me al een poosje bezig houdt is: Waarom verschijnt de wet op dit punt in de geschiedenis?
Waarom niet direct na de val van Adam en Eva? Het had mij logisch geleken, als je mensen wil “redden”, was direct na de zondeval toch wel het moment geweest om direct orde op zaken te stellen en regels te geven.
Waarom niet na de eerste moord, waar Kain Abel  doodslaat?  Het had logisch geweest als God met Zijn vuist op tafel had geslagen en had gezegd: ”Oké, zo gaan we het dus niet doen. Hier hebben jullie een lijst met regels en omgangsvormen en in het vervolg gaan we ons daaraan houden”.
Waarom niet aan Noach die opnieuw begint met zijn gezinnetje, na de zondvloed?
Waarom niet aan Abram tegen wie God zegt: ”Ik zal uw nageslacht maken als het stof der aarde”.
Ik heb niet de indruk dat ik nu een sluitend antwoord op deze vraag kan geven, maar ik zie een glimp.
Op dit punt in de geschiedenis ging Israël het land in bezit nemen wat God hun had beloofd. Lees hierbij een Joz.23:5-10. Daar staat dat God de volkeren voor Israël zal uitdrijven, maar de voorwaarde is dat ze zeer standvastig onderhouden alles wat er geschreven staat in de boeken van Mozes.  Nu vinden we in meerdere schrift gedeelten dat de volkeren die in dit gebied wonen, het land hebben verontreinigt met hun afgoderij.  Lev. 18:25 zegt: “verontreinigt u niet door dit alles, want door dit alles hebben zich verontreinigd de volken die Ik voor u uit wegdrijf. Het land toch werd verontreinigd en Ik vergold daaraan zijn ongerechtigheid, zodat het land zijn bewoners uitspuwe”.  Als Israël het land verontreinigt kan hij het niet blijven bezitten, ( Richt.2:20—22), omdat ze dan het verbond dan hebben geschonden! Lees in dit verband ook Deut.7:1-9 eens, dat spreek over de afgoderij van de volkeren die in het land wonen en het houden van het verbond als voorwaarde om het erfdeel wat God de Israëlieten beloofd, te kunnen bezitten.
Ingewikkelde materie, maar ik moest als vergelijking, even denken aan die keer dat mijn zoon in de sloot was gevallen en stinkend van de modder naar huis kwam. Hij kon zijn kleren bij de tuindeur uittrekken en rechtstreeks door naar de douche lopen en graag zonder iets aan te raken! Zo stinkend van de drek, mocht hij niet zijn kamer in of maar op enige plek in het huis het zichzelf gemakkelijk maken.
Voor Israël werkt dit hetzelfde, met afgoderij vervuilen ze het land, dus er is heiliging nodig om de belofte te kunnen bezitten. God verlangt ernaar om Zijn kinderen een veilige woonplek te geven en in hun midden te zijn.
Ik had mijn zoon voor geen goud buiten de deur willen sluiten en hem niet meer op schoot kunnen nemen, om iets wat met een simpele douchebeurt kan worden opgelost.

Ps.119.:1 Welzalig zij, die onberispelijk van wandel zijn, die in de wet des Heren zijn.

Ps.119.:1 Welzalig zij, die onberispelijk van wandel zijn, die in de wet des Heren zijn.

Geen populair stukje tekst.
In de meeste geloofskringen is de gedachte, dat wij gered zijn door het bloed van Jezus Christus en niet door “werken der wet”, diep doorgedrongen en terecht! We hoeven ons niet buitengewoon in te spannen naar een wet die niemand vervullen kan.
Toch vinden we hier de langste psalm uit de Bijbel,  één lang loflied op de wet.
Moeten we dat stuk dan maar uit onze Bijbel schrappen? Niet langer voor ons van toepassing?
Dit roept vragen op: als de wet “heerlijk” is, verstaan wij de wet dan wel?
In essentie zijn wij ervan uitgegaan dat in het oude testament de Joden hun redding moesten verdienen, door de wet na te leven. Maar was redding wel het doel van de wet? In deze tijd is daar door verschillende theologen onderzoek naar gedaan. Wat was de betekenis van de wet in het oude testament en de tijd waarin de psalmen werden geschreven? Verschillende onderzoeken concluderen dat redding niet de kern van de zaak was. Maar wat dan wel?
Wat niet in ons gedachtegoed zit, gaat aan ons voorbij: Dit is het volk van het verbond.
Laten we wat verder over nadenken over het onderwerp verbond.
In Europa hebben wij een verbond met verschillende landen om ons heen. Ik wil er even niet bij stil staan of dit inhoudelijk een goed verbond is, maar in de meest ideale vorm betekend dit, dat we beschikken over een grotere krijgsmacht als landengroep in zijn geheel; dat de handel tussen de landen kan vloeien en dat we daar baadt bij hebben; dat wetten makkelijker gehandhaafd kunnen worden en misdadigers zich niet in een ander land kunnen verschuilen. We hebben voordeel bij zo’n verbond (tenminste dat is de bedoeling). Dat verbond moet wel onderhouden worden, alle landen moeten zich aan de afspraken houden, anders is het verbond verbroken en de voordelen van het verbond gaan verloren.
Nu zijn onze menselijke verbonden zijn onvolmaakt, maar wat nu als je een verbond kunt aangaan met de Allerhoogste macht op hemel en aarde? God die alles in Zijn hand heeft, alles kan, dat die zich neerbuigt en zegt “klein mensenkind, met jullie ga ik een verbond aan”.
Alle voordeel , alle zegeningen, beschutting en bescherming zijn aan onze kant!
Uit dat verbond vloeien onderhoudsregels voort. Zaken die wij mensen kunnen doen om aan de verbondspartner te laten weten, dat we nog steeds diep respect hebben voor onze verbondspartner en nog steeds onder dat verbond willen leven.
In dat licht is psalm 119 “de heerlijkheid van de wet”, veel beter te begrijpen.
Ook onder het nieuwe verbond van Jezus Christus, is behoudenis niet de vraag. We zijn behouden als we Hem hebben aangenomen.
Toch laten we onder het nieuwe verbond met onze levenswandel zien dat we deel willen uitmaken van dat verbond wat Jezus Christus met ons gesloten heeft. Door gedragsregels zoals bijvoorbeeld gebed, door niet te liegen, door de Bijbel te lezDSC_4737en, door liefdevol met elkaar om te gaan enz.
Trouwens nog een curieus detail, het oude testament kent 613 wetten, maar in het nieuwe testament staan er wel 1000! Dat zijn er veel meer als in het oude testament. Duizenden mogelijkheden om dagelijks uiting te geven aan het feit dat we onze verbondspartner respecteren en bij Hem willen horen.
Wat heerlijk dat God ons laat weten wat Hem een plezier doet, op welke wijze wij Hem kunnen eren.
Ps.119:10 Ik zoek U met mijn ganse hart, laat mij niet van Uw geboden afdwalen. Ik berg Uw woord in mijn hart.

Werp je net aan de andere zijde

bron: http://www.waddenzee.nl/Visserij.35.0.html
bron: http://www.waddenzee.nl/Visserij.35.0.html

Werp je net aan de andere zijde

Luc.5: 3 Hij ging in één van de schepen, dat van Simon, en vroeg hem de zee in te gaan, niet ver van de oever. En Hij zette Zich neder en leerde de scharen van het schip uit. 4 Toen Hij opgehouden had met spreken, zei Hij tegen Simon: Ga naar diep water en zet uw netten uit om te vissen. 5 En Simon antwoordde en zei: Meester, de gehele nacht door hebben wij hard gewerkt en niets gevangen, maar op uw woord zal ik de netten uitzetten. 6 En toen zij dit gedaan hadden, haalden zij een grote menigte vissen binnen, en hun netten dreigden te scheuren.
Joh.21: 3 Simon Petrus zei tegen hen: Ik ga vissen. Zij antwoorden hem: Wij gaan met u mee. Zij vertrokken en gingen scheep, en in die nacht vingen zij niets. 4 Toen het reeds morgen werd, stond Jezus aan de oever; de discipelen wisten echter niet, dat het Jezus was. 5 Jezus zei tegen hen: Kinderen, hebt gij ook enige toespijs? Zij antwoordden Hem: Nee. 6 Hij nu zei tegen hen: Werpt uw net uit aan de rechterzijde van het schip en gij zult vinden. Zij wierpen het net uit en konden het niet meer trekken vanwege de menigte der vissen.

De discipelen hadden hun vak uitgeoefend, als vissers, hard gewerkt, de hele nacht en het zat ze niet mee.
Werk kent goede dagen en soms mindere dagen. Je spant je soms in zonder.
Dan geeft Jezus hun de opdracht om hun nette nog een keer uit te zetten.
Hadden de discipelen dan tot dat moment gevist uit eigen kracht, zonder opdracht dus zonder zegen? Ik denk het niet. Ze deden wat ze moesten doen in dit leven, voorzien in hun onderhoud, zorgen voor eten op de tafel van hun gezin en hun naasten. Behalve wanneer je werk het maken van een afgod is, spreekt de bijbel positief over werk en zegent God het werk van onze handen.
Niet al ons werk of activiteit worden aangestuurd door een aparte opdracht van God. Wie een stofzuiger door het huis haalt, heeft niet een stem uit de hemel gehoord: “Ga NU stofzuigen”. Wie s’ochtends in de auto stapt om te gaan werken, wacht niet met het starten van de auto tot het moment dat de heilige Geest zegt :”gentleman start your engines”.
God is al met je. Hij heeft je dit werk al toevertrouwd. Hij heeft je al kundig en vaardig gemaakt voor de taak die Hij jou heeft toevertrouwd, maar soms geeft Hij je in het bijzonder de opdracht om het Nu, nog eens een keer te doen.
Zodat God jou kan laten zien dat Hij jou vruchtbaar maakt. Zodat Hij kan laten zien dat Hij bij machte is om in jou nood te voorzien. Zodat Hij Zijn grootheid, Almacht en Goedertierenheid kan openbaren. Zodat Hij kan bevestigen dat Hij van je houdt. Zodat wij weer beseffen dat we van Hem afhankelijk zijn en het niet kunnen uit eigen kracht. Zodat…….
Hij vraagt de discipelen niet om iets geheel nieuws te beginnen. Ze hoeven geen nieuw vak te leren, een nieuw talent te ontwikkelen, een verre reis te maken of Spaans te leren. Ze hoeven alleen te herhalen wat ze al hadden gedaan, want wat ze deden was goed genoeg, maar deze keer op Jezus Zijn tijd.

1 kor.15:44 Een natuurlijk en een geestelijk lichaam (2)

Een natuurlijk en een geestelijk lichaam (2)

De grondtaal laat heel duidelijk zien wat het verschil is tussen een natuurlijk en een geestelijk lichaam.
DSC_2489Het Griekse woord wat wordt gebruikt voor een natuurlijk lichaam is psychikon, wat wil zeggen, een lichaam met een ziel. Het wordt gekenmerkt door het natuurlijke.
Hetzelfde woord komt voor in Judas 1:19 “natuurlijke mensen psychikoi, die de geest niet hebben” .
1 Kor. 2:14 gebruikt ook dit woord (SV) “Maar de natuurlijke mens psychikos, begrijpt niet de dingen, die van de Geest van God zijn”. En nog een tekst waarin duidelijk naar voren komt waar het natuurlijke voor staat, Jac.3: 15, wat spreekt over aardse wijsheid versus goddelijke wijsheid. Het aardse “dat is niet de wijsheid die van boven komt, zij is aards, ongeestelijk psychikē, duivels” (NBG)
Dit staat tegenover de geestelijke mens.
Het Griekse woord voor “geestelijk lichaam” is pneumatikos , een mens met de Geest pneuma.
Deze mens wordt vervuld en gedreven door Geestelijke zaken van God. Hetzelfde woord komt voor in Ef.1:3 “Gezegend zij de God en Vader , die ons met allerlei  geestelijke zegen pneumatikē ,in de hemelse gewesten gezegend heeft in Christus” (NBG) .
Een geweldige tekst, omdat het zegt waar deze pneumatikē  vandaan komt: van de Vader.
Wat de locatie is van deze pneumatikē is: de hemelse gewesten.
En hoe we het kunnen “bezitten”: in Christus. Dat wil zeggen, de opgestane Heer die gezeten is aan de rechterhand van de Vader, in wie de geestelijke mens pneumatikos geborgen is.
In het vorige stukje over een natuurlijk en een geestelijk lichaam, maakte ik een verbinding naar de vruchten van de Geest, Gal.5:22 waar in het Grieks staat “de vrucht van de Geest pneumatos”.
In de grondtaal wordt erg duidelijk wat de afkomst van bepaalde zaken is, psychikon wijst op de natuurlijke zaken die niet door Gods Geest worden vervuld.  Pneumatikos is het geestelijke lichaam wat door de Geest/ pneuma wordt vervuld.
Net als de gemeente te Korintië zijn wij erg nieuwsgierig hoe dat geestelijke lichaam eruit zal zien. Paulus legt uit in v47 dat de 1ste mens uit de aarde is, stoffelijk, en de 2de mens uit de hemel, naar het beeld van het hemelse.  49. “Gelijk wij het beeld van het stoffelijke gedragen hebben, zo zullen wij het beeld van de hemelse dragen”.
Dat is “Naar Zijn beeld en naar Zijn gelijkenis”, Gen.1:26. We zullen op de Vader lijken en op Jezus lijken.
Van Jezus hebben we een glimp mogen horen van de zaken die Hij deed in zijn verheerlijkte lichaam. De Emmaüsgangers spraken met de discipelen erover, hoe Jezus hen de schrift had uitgelegd, hun ogen had geopend en zomaar was verdwenen. (Luc.24). En terwijl ze het daarover hadden verscheen jezus in hun midden.
Goddelijke teleportatie, door gesloten deuren en muren heen. En ze reikten Hem een stuk vis aan en Hij at het voor hun ogen op. We kunnen ons er geen voorstelling van maken, maar het geeft een indicatie dat we straks letterlijk tastbaar kunnen genieten van de bruiloftsmaaltijd, zoals in Openbaringen genoemd. Het beeld van het stoffelijke en het hemelse, dragende.
Niet of het ene, of het ander, maar het beeld wat Jezus laat zien is : En, En.

Een natuurlijk en een Geestelijk lichaam

1 Kor.15:44 Er wordt een natuurlijk lichaam gezaaid en een geestelijk lichaam opgewekt. 46. Doch het geestelijke komt niet eerst, maar het natuurlijke en daarna het geestelijke.

Dit is een basis principe, een sleutel tot vele zaken.
Ik behandel dit principe hier heel sec, zonder te kijken naar de obstructies die het principe blokkeren, gewoon om je oog te geven voor de basis. Eerst het natuurlijke en het geestelijke zal eruit voortkomen.
Ik wil als voorbeeld, met je kijken naar de vruchten van de Geest zoals ze in Gal.5:22-24 worden beschreven. Die vruchten ontstaan niet door uren te lezen, te bidden of in de kerk door te brengen. ( lees: stilzitten)DSC_4609
Het natuurlijke komt eerst, dat wil zeggen wanneer je deze zaken in de praktijk brengt, zullen ze groeien.  Als je bijvoorbeeld lief hebt, zal je liefde terug ontvangen en groeien in liefhebben. Zelfbeheersing komt niet uit de lucht vallen, dat moet je oefenen en God zal er kracht aan verlenen, totdat het een tastbare onlosmakelijke eigenschap geworden is. Zachtmoedigheid ontstaat niet, door een keer niet boos te worden, maar door er een goal van te maken om zo te reageren. De vrede van God wil woning in je maken en blijdschap wil je vervullen, als innerlijke eigenschappen, niet als een plaatselijke regenbui die over je heen valt.
Dat betekend dat je zal moeten kiezen om te leven naar de persoon die je wil zijn. Wat je doet, is wat je reproduceert, wat je voortbrengt is wat zal groeien en waar je kracht aan verleent.
Jezus bevestigt het principe nog eens in Luc.6:38 Geef en je zult gegeven worden: een goede, gedrukte, geschudde, overlopende maat zal men in uw schoot geven. Geef je tijd en energie aan wie God wil dat je bent, in het natuurlijke en dat zal als een geestelijk lichaam worden opgewekt.
Even voor de duidelijkheid, je redding hangt niet af van je werken, maar de vrucht wordt bepaald door je activiteiten.
Waar steek je de meeste tijd in? Dan zal dat het meeste gedijen.
Betreft dit hersenloos voor de tv zitten en consumeren, dan zal het je moeite kosten om zelf een “geestelijke maaltijd te bereiden en die te verteren”. Doordat het een inspanning is geworden voor de menselijke geest, die gewend is achterover te leunen en nergens over na te denken.
Omgekeerd geld hetzelfde.
Wat heb je nu niet, wat je eigenlijk graag zou willen hebben?
Wil je graag wijsheid, ga dan je tijd stoppen in het leren van wijsheid. Lees de spreuken van Salomo, overdenk ze, leer wijsheid te zien in bepaalde besluiten en handelswijzen. Leg je focus erop, steek je tijd en energie erin en het zal groeien.
Slechte vruchten zijn producten van zaken waar je beter niet je tijd en energie aan kunt geven. Zijn fungeren als een goede signaalfunctie dat het tijd is om het roer om te gooien en het anders te gaan aanpakken.
De tekst uit 1 Kor.15 staat in de context van het opstandingslichaam, ons blijvende deel in de toekomende tijd. Dat deel van ons wat van eeuwigheidswaarde is en gereproduceerd wordt in een opstandingslichaam.
En misschien is het geheel mijn fantasie die hiermee op de loop gaat (dus voel je heeeel erg vrij om hier anders naar te kijken), maar ik zou me schamen als ik in mijn verheerlijkte lichaam een heel klein wormstekelig lichaampje heb, wat net over de finishlijn is gekomen. Zo’n verschijninkje wat je met een vergrootglas moet zoeken en nog niet heel bruikbaar is om te regeren in Zijn koninkrijk.
Maar dat is slechts mijn beperkte interpretatie 😉 .

Gelijkenissen

IMG_4895Gelijkenissen

Matt.13:10 de discipelen kwamen en zeide tot Hem: waarom spreekt Gij tot hen in gelijkenissen? Hij antwoordde hen en zeide: omdat het u gegeven is de geheimenissen van het koninkrijk der hemelen te kennen, maar hun is dat niet gegeven.

Je kan gelijkenissen op verschillende manieren verstaan. Soms geeft de Geest je openbaring, waardoor een oud verhaal opnieuw tot je spreekt, maar er zijn ook uitlegregels die kunnen helpen bij het begrijpen. Vragen als: Worden daar voorwerpen of begrippen in gebruikt die in die tijd begrijpelijk waren, maar nu niet volledig worden verstaan? Wat verstonden de toehoorders? Om welke hemelse goederen gaat het? Welk aspect van God probeert Jezus te verduidelijken en tot waar strekt de vergelijking zich uit?
Er is namelijk een punt waarop de vergelijking zijn houdbaarheid verliest. Laat me dat met een voorbeeld illustreren: Een krokodil huilt krokodillentranen; Jantje huilt krokodillentranen…..Jantje is een krokodil! Het is duidelijk wanneer een vergelijking te ver wordt doorgevoerd, de gelijkenis niet meer klopt.
De gelijkenis die Jezus verteld is van de zaaier en het onderwerp is als volgt:. V19 “Bij een ieder die het woord van het koninkrijk hoort..”. Dit woord van het Koninkrijk wordt vergeleken met plantenzaad. Voor een deel gaat deze vergelijking op en gedraagt het zich als plantenzaad. Er zijn wortels nodig om te groeien en vast te staan. Mensen kunnen oppervlakkig reageren, vergeten  wat God ze heeft gegeven. Als we het te druk hebben kan hetgeen God in ons leven heeft gedaan niet groeien, want we hebben geen aandacht voor Hem. De aandacht gaat bij die interpretatie direct uit naar menselijke fouten, zijn wij goede grond of niet. Hoewel het onderwerp gaat over het woord van het koninkrijk!
Na een spreken over slechte grond verteld Jezus wat er gebeurd als het zaad valt in goede grond. Daar voelen we ons prettig bij, dat zijn wij. Goede grond levert vrucht op, dus wanneer we vrucht dragen zijn we goede grond???
Het is waar dat de gelijkenis ons vraagt om keuzes te maken in het leven van alle dag. Om niet steeds door te hollen, om tijd te nemen en aandacht te hebben voor de relatie met onze hemelse Vader, maar de gelijkenis gaat niet om ons. Jezus verteld de gelijkenis niet om ons een goed of een slecht gevoel over onszelf te geven, maar om iets over het koninkrijk van God uit te leggen. Wij zijn niet het centrum van de gelijkenis, dus terug naar ‘het zaad”.
Het woord van het koninkrijk kan honderdvoudig, zestigvoudig of dertigvoudig vrucht dragen. Dat willen we!  Even een vraag daarbij, aan welk uitgangspunt ga je meten, om vast te stellen wat honderdvoudige vrucht is?
Is “Jezus het Woord” de maatstaf? Is onze omgeving de maatstaf of onze persoonlijke groei?
In de Bijbel kan een geloofswoord bekleed met koninkrijkskracht zieken genezen, doden doen opstaan, bergen verplaatsen, demonen doen sidderen, een menigte voeden of een man over het water doen lopen. Dragen we van die kracht dertigvoudig of zestigvoudig of honderdvoudig vrucht van? In het koninkrijk van God is altijd meer. Meer groei, meer vrucht, meer overvloed, oneindig veel meer.
Joh.14:12 Ik zeg u, wie in Mij gelooft, de werken die Ik doe, zal hij ook doen, en grotere nog dan deze, want Ik ga tot de Vader; en wat gij ook vraagt in Mijn naam, Ik zal het doen, opdat de Vader in de zoon verheerlijkt worde.

 

Het Koninkrijk der hemelen

Het Koninkrijk der hemelen

In het oude testament kom je deze term “het koninkrijk der hemelen” niet tegen.
Onder het oude verbond was er de inspanning om te gehoorzamen aan wetten en geboden; om zonde te verzoenen door offers. Het werk was in het zichtbare, het tastbare, hetgeen voor ogen was.
De duivel  speelde daarop in toen hij Jezus kwam verzoeken, hij toonde hem alle koninkrijken van de wereld, (matt.4:8). “Zie en kijk maar eens goed hoe groot en schitterend dit is wat God geschapen heeft. Dat wil je vast wel terug hebben”.
De duivel dacht dat het God nog steeds te doen was om vlees en bloed.
Maar Jezus richt een nieuw verbond op : Matt. 4:17 “Van toen aan begon Jezus te prediken en te zeggen: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen”.  Deze paradox wordt binnen enkele regels geschreven, tussen v8 en v17DSC_1645. De duivel die wil verleiden met wat voor ogen is, met zichtbare koninkrijken van de wereld; de Zoon van God spreek van hetgeen God voor ogen is, het koninkrijk der hemelen.
Een kanttekening hierbij is, dat de duivel maar drie verzoekingen naar voren bracht. Het is aannemelijk dat hij hierbij inspeelde op de punten waar wij als mens bevattelijk voor zijn, punten waarop hij in het verleden succes heeft weten te behalen.  Zaken zoals: streven naar macht, iets willen bezitten zonder de prijs ervoor te willen betalen, snelle rijkdom. Tenslotte ben je iemand als je alle koninkrijken van de wereld bezit.
In Mattheus spreekt Jezus echter wel 31 keer over het Koninkrijk der hemelen. Hij geeft ons zicht op het onzichtbare. Het gaat niet meer om vlees en bloed, daar hebben we niet voor te strijden.  Joh.18:36 zegt “Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld; indien mijn Koninkrijk van deze wereld geweest was, zouden mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik niet aan de Joden zou worden overgeleverd; nu echter is mijn Koninkrijk niet van hier”.
Het koninkrijk is bij onze Vader die in de hemelen is. Het koninkrijk van Jezus Christus, een eeuwig koninkrijk.
Het is veel mooier als de dingen die wij kunnen zien. Matt.13:45 “het Koninkrijk der hemelen gelijk aan een koopman, die schone parelen zocht. Toen hij een kostbare parel gevonden had, ging hij heen en verkocht al wat hij had, en kocht die”.
Het is veel groter als de wereld die wij kennen. Matt.13:31 “Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een mosterdzaadje, dat iemand nam en in zijn akker zaaide. Het is wel het kleinste van alle zaden, maar als het volgroeid is, is het groter dan de tuingewassen en het wordt een boom, zodat de vogelen des hemels in zijn takken kunnen nestelen”.
En wij zijn uitgenodigd om er binnen te gaan en de geheimenissen van het koninkrijk der hemelen te leren kennen. (Matt. 22:2, Matt.13:11).

Natanaël 2.0

Natanael 2.0

Joh.1:46-51 Filippus vond Natanaël en zei tegen hem: Wij hebben Hem gevonden, van wie Mozes in de wet geschreven heeft en de profeten, Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.  En Natanaël zei tegen hem: Kan uit Nazaret iets goeds komen? Filippus zei tegen hem: Kom en zie. Jezus zag Natanaël tot Zich komen en zei van hem: Zie, waarlijk een Israëliet, in wie geen bedrog is! Natanaël zei tot Hem: Vanwaar kent Gij mij? Jezus antwoordde en zei tot hem: Eer Filippus u riep, zag Ik u onder de vijgeboom. Natanaël antwoordde Hem: Rabbi, Gij zijt de Zoon van God, Gij zijt de Koning van Israël! Jezus antwoordde en zei tegen hem: Omdat Ik tot u gezegd heb: Ik zag u onder de vijgeboom, gelooft gij? Gij zult grotere dingen zien dan deze.

De vijgenboom staat in de traditionele uitleg symbool voor kennis van goed en kwaad, en het zegt in dit verhaal iets over Natanaël. Hij wordt gekenmerkt door een sterk gevoel voor waarheid en rechtvaardigheid. Die denkwijze blijkt ook uit zijn woorden als hij zegt : Kan er uit Nazaret iets goeds komen?
En Jezus die hem echt Ziet en dan bedoel ik niet naar zijn uiterlijke verschijning, maar Hij ziet de persoon die God in hem heeft bedoeld te zijn en Hij noemt hem “een Israëliet in wie geen bedrog is”.
Zien wij ook op die manier de mensen om ons heen? Zoals Jezus?
Het is soms gemakkelijk om mooie eigenschappen van de mensen om ons heen te herkennen en die positief te benadrukken. “Het is zo fijn dat Elsje er is, want die heeft altijd wel een praktische oplossing”, maar dat gaat over ervaring.
Jezus ziet hier een man aan, die Hij nog niet heeft ontmoet, waar hij nog geen woord mee heeft gewisseld! Hij ziet in de Geest.
Zo ziet Jezus ook die vrouw die daar op de fiets voorbij komt, die man die daar zijn hond uitlaat en dat meisje wat voor je in de rij van de kassa staat. Wat zegt Hij jou over hen, of zie je ze eigenlijk niet? Zie je de buitenkant, maar heb je Hem nog nooit gevraagd hoe Hij die voorbijgangers ziet.
Jezus ziet mooie mensen die Hij op het oog heeft, met prachtige eigenschappen en Hij daagt jou uit om, net als Hij, mensen te Zien. Misschien geeft de Geest je een gebed voor iemand op het hart, misschien moet je een praatje met ze aanknopen of iets heel anders, maar weest ziende.
Deel je gebed en je zegeningen niet enkel aan de mensen uit die je kent, de schepping wacht reikhalzend op DSC_4320het openbaar worden van de zonen God! Wees een zoutend zout en een lichtend licht, ook voor mensen die jij niet kent. Jezus kent ze, Hij ziet ze.
Jezus zag dat Natanaël  een scherp oog had voor goed en kwaad, voor waarheid en gerechtigheid, maar Jezus wil hem op een hoger level brengen.
Gij zult grotere dingen zien dan deze. Hij zal hem de gerechtigheid Gods doen zien.
Dat is Natanaël in een geperfectioneerde versie 2.0, die niet enkel ziet of er iets goeds uit Nazaret komt. Dat is Natanaël die ziet de echte waarheid en gerechtigheid uit de hemel.
kom en zie door Zijn ogen.