Een heel Hallel: psalm 113-118

DSC_2509
‘Halleluja’. Nicolette Wagemans, Massada, okt.’14.

Zeven dagen feest betekend tijd voor God, Hij staat immers centraal op het feest. Hij is de hoofdgast waar alles om draait, dus is er overvloedig tijd voor gebed, in Hebreeuws genoemd ‘hallel’.
‘Hallel”, betekend  “loof” of “prijs”. Daarvan afgeleid is het woord ‘Halleluja’.
Dit bidden, hallel, gebeurd door Gods woord hardop te lezen/ zingen, als een Halleluja voor de Here der Heren en de koning der Koningen.  De lezing van elk psalm wordt afgesloten met ‘Halleluja’.
Mocht je je afvragen wat al die Joden bij de muur staan te reciteren, dan zijn het psalm 113 tot en met 118 (aangevuld met de voorgeschreven gebeden voor die dag of passend bij die gebeurtenis/ feestdag).
Een, in het Engels voorgelezen versie van psalm 113-118 vindt je op:  https://www.youtube.com/watch?v=RYrpiAZ6gR8
Wil je echt uit je confortzone willen stappen, luister dan ook eens naar de uitvoering in de grote synagoge in Jeruzalem, waar de hallel door een mannenkoor wordt gezongen met een chazan, een geschoolde voorzanger. https://www.youtube.com/watch?v=j5yy7RixuOA

Waarom breng ik deze, voor ons vreemde manieren van Schriftlezing naar voren?
De vraag is meer wat jij in je persoonlijke geloofsleven nodig hebt om Gods woorden tot leven te wekken, ze in je hart te doen zinken? Om alles nieuw te maken en vol van leven te worden? Om er in te wonen en er permanent in te verblijven?
Is dat door ze 7 dagen lang elke dag hardop te lezen, moet je ze zingen of overschrijven, er een schilderij van maken, of erop dansen, totdat het gaat bruisen tot één groot Halleluja van vreugde en een diep ontzag voor God?
Loofhutten is namelijk de praktijk oefening, het doen van de woorden van David in psalm 27:4 Eén ding heb ik van de Here gevraagd, dit zoek ik: te verblijven in het huis (soeka) des Heren al de dagen van mijn leven.
Hier gaat Davids’ verlangen naar uit, dat het verblijf in de soeka, mag zijn als een verblijf in Gods soeka. Hier gaat zijn zoeken naar uit en elk handelen is daarop gericht. Dit beantwoord aan God verlangen, die zegt in Ex 29:45 zegt God ´Ik zal in het midden van de Israëlieten wonen en ik zal hen tot een God zijn´.
God verlangt ernaar om midden tussen Zijn volk te wonen, te ‘Tabernakelen’.
Maar zijn wij daar ook?
Een soeka mag naar het aardse uiterlijk een wankel bouwsel zijn, omdat het niet gaat om de uiterlijke verschijning, maar om een geestelijke plek waar we verblijven. ‘ik wil in het huis des Heren verblijven tot in lengte van dagen’. Woning maken is de plek waar je eet, slaapt, ontspant en goede gesprekken voert.  Of we ergens wonen of slechts op visite komen,  heeft te maken met de keuzes die we maken.
En dat is iets wat we zelf moeten doen. Een gast die steeds weer gebruik maakt van de woning van een ander, heeft meer weg van een kraker, een free-loader zouden de Amerikanen zeggen.
Laten we voor onszelf de lat wat hoger leggen en Davids voorbeeld volgen. Laat ons zoeken uitgaan naar de Here die bij ons wil wonen en onze eigen soeka oprichten.  Laat die soeka zo rijk zijn van binnen, dat we gasten iets kunnen voorzetten van hemelse kwaliteit.

 

Loofhuttenfeest (2) de symboliek van de soeka.

Lev.23:39-44 In loofhutten zult gij wonen 7 dagen; allen die in Israël geboren zijn zullen in loofhutten wonen, opdat uw geslachten weten, dat Ik de Israëlieten in hutten heb doen wonen toen Ik hen uit het land Egypte leidde: Ik ben de Here uw God.

DSC_2796
soeka’s op het balkon. Nicolet Wagemans, Emmanuel 10-10-14.
DSC_2869
binnenkant van de presidentiële soeka. Nicolet Wagemans Jeruzalem 12-10-14

Ik heb het voorrecht gehad om vorige jaar Loofhuttenfeest in Jeruzalem te mogen vieren.
Overal ploppen kleurige hutjes op, met aan drie kanten zeil of doek, afgedekt met  matten van palmbladeren.
-Het moet een “wankel” hutje zijn, die niet heel veel kan hebben, waar de wind voelbaar is en de regen door het dak komt.  Het is een tijdelijk hutje. De soeka geeft je het gevoel van kwetsbaarheid, zoals ook de Israëlieten kwetsbaar waren in de woestijn en afhankelijk van Gods bescherming en die bescherming faalde niet! Zo zijn wij ook nu kwetsbaar en afhankelijk van Zijn onfeilbare zorg.
-Volgens de traditionele viering wordt tenminste 1 maaltijd per dag in dit hutje gegeten en de gasten worden er ontvangen, slapen doet men er dus niet. Ze worden versiert met afbeeldingen die genoemd worden in Deut.8,8: ‘…een land van tarwe en gerst, van wijnstokken, vijgenbomen en granaatappels; een land van olierijke olijfbomen en honing’. De overvloed van het beloofde land, waar men nu is, wordt daarmee uitgedrukt. Het feest wordt gevierd als de oogst binnen is en er weer voedsel is voor het komende jaar. God heeft voor-zien.
-De soeka moet er vrolijk uitzien van binnen, mooi ingericht. Al ziet het er van buiten af uit als een gammel hutje, de binnenzijde is rijk, want er is blijdschap te midden van wat er van buitenaf als verdrukking uitziet. Het is een paradoxale blijdschap, die onder alle omstandigheden geldt. Al is het leven om ons heen niet perfect, Gods voorzienigheid geeft overvloedige redenen om blij te kunnen zijn, elke dag.
-Het tijdelijke hutje in de woestijn, geeft ook aan dat het geen permanente verblijfplaats is. Uiteindelijk duurde de uittocht 40 jaar, maar het was een tocht en geen permanent verblijf. Ze waren onderweg naar een beter land, zoals ook wij in onze tijd onderweg zijn naar een beter vaderland.
-In die woestijn waar God het volk in tijdelijke hutjes deed wonen, kwam Hij zelf onder hen wonen in de tabernakel. Eveneens een tijdelijk bouwsel wat kan worden verplaatst, want God wil bij Zijn volk wonen. Hij zelf zal met ons mee gaan, waar wij gaan en onze voorhoede en onze achterhoede zijn.
-Het wonen in soeka staat direct vermeld na het wonen in Egypte. De plek waar de Israëlieten moesten zwoegen voor grote stenen bouwsels, de schijnveiligheid van de Egyptenaren van tempel en Pyramides. Nu woonden ze in bouwsels die geen veiligheid leken te bieden, maar waren op de meest veilige plek waar je maar kan zijn, in Gods hand, op de plek waar God woning maakt en eigen zwoegen voegt daar niets aan toe.

Dit is een korte samenvatting van de verschillende uitleggingen die ik heb gehoord over de symboliek van de soeka. Er zit dus een enorme rijkdom in dit feest, die ons ook ik deze tijd veel te vertellen heeft.
Praktisch gezien doet de vraag zich voor of de vraag of wij een soeka moeten bouwen? Twee meningen: De opdracht wordt gegeven aan allen die in Israël geboren zijn, de uittocht door de woestijn was niet onze verdrukking. Anderzijds heeft Jezus dit feest gevierd en noch Jezus, de discipelen of de profeten ooit één van deze feesten afgeschaft.
Wat we in elk geval kunnen, is stil staan bij de periodes in ons leven dat we het moeilijk hadden, hoe God ons staande heeft gehouden en ons uit die benauwde positie heeft geleid. Hij is onze Verlosser, Hij is de Betrouwbare, de Onwankelbare in een wankele wereld. Zodat we zullen weten dat hij de Here onze God is.

Loofhuttenfeest , de karaktertest.

Lev.23:39-44 ‘wanneer u de opbrengst van uw land inzamelt zult gij 7 dagen het feest des Heren vieren;
-gij zult vruchten van sierlijke bomen neme, takken van palmen en twijgen van loofbomen en van beekwilg (loelav)
en
gij zult vrolijk zijn voor het aangezicht van de Here, Uw God, 7 dagen lang.

DSC_2579
Loevav te koop; Nicolette Wagemans, Jeruzalem 9-9-14

Loofhuttenfeest is in de eerste plaats een feest van blijdschap en heeft ook de opdracht om vrolijk te zijn. Misschien een moeilijk feest voor Nederlanders die soms kampioen mopperen zijn, dat God even populair gezegd stelt: “Kappen nou met dat gezeur, Ik wil nu 7 dagen lang geen moppertje of zucht meer horen. JIJ ZAL vrolijk zijn!”.
Dat is nog eens een karaktertest. Moeten wij dat echt doen?
Ja en Nee; ik breng het naar voren als een uitdaging, niet als een wettisisme. Vast staat dat we in de toekomst allemaal het loofhutten feest zullen vieren. Zach.14:8-21 is een eindtijd-profetie waarin staat ‘Al de volkeren- zullen van jaar tot jaar heen trekken, om zich neer te buigen voor de koning, de Here der Heerschare, en het loofhuttenfeest vieren’.
Persoonlijk geloof ik niet dat dit zal gaan over rituelen, offers, de perfecte loelav, en hutjes die voldoen aan de voorschriften van het rabbinaat, maar Gods geestelijke waarheden veranderen niet.
De opdracht om je te verheugen verandert niet en wordt in het N.T  herhaald, dus waarom niet de karaktertest om 7 dagen niet te mopperen en blij te zijn. De vreugde des Heren is je kracht. Oefen kracht!
Er is genoeg om blij over te zijn. De Israëlieten gedachten dat God hen had voorzien in de woestijn van voedsel en onderdak. Wij hebben ook meer dan genoeg om dankbaar voor te zijn, om een gat in de lucht te springen dat God voorziet.
Er is een periode in mijn leven geweest dat ik alleen maar kon bidden voor onderdak. Het maakte me niet zo veel uit hoe het eruit zag, als ik maar een dak boven mijn hoofd had, een veilige plek om te slapen en God heeft voorzien, overvloedig. Daar moest ik laatst weer aan terug denken toen ik iets in mijn huis, me niet kon veroorloven. Ik heb al zoveel meer als waarmee ik ben gestart, geen dag hebben we honger gehad of geen kleding om aan te trekken. Het is misschien niet altijd een vetpot, (geen Egypte) maar ik weet niet wat honger is. En het is een illusie om te denken dat ik dit met eigen handen, zelf, bewerkstelligt heb.
Misschien zijn onze dieptepunten bij lange na niet zo heftig als de oorlogsvluchtelingen die we op tv zien, maar kom op, dat betekend dat wij des te meer hebben om voor te danken. Als we echt eerlijk zijn en de tijd nemen om stil te staan bij het feit, hoe geweldig God voor ons zorgt, dan zijn we in 7 dagen nog niet klaar. Wij kennen geen oorlog, wij genieten van wegen die we niet zelf hebben aangelegd, er is gezondheidszorg, er komt water uit de kraan, onze kinderen moeten naar school…Neem een kijkje over de grens en je komt er al snel achter dat niets daarvan vanzelfsprekend is.
Is het volmaakt? Verre daarvan. Als Gods volmaakte koninkrijk komt valt onze mond open en zal de tijd waarin we nu leven de context zijn om te danken voor Zijn voorzieningswerk, omdat hij ons in betonnen huizen heeft doen wonen! Maar tot die tijd is er meer dan genoeg om NU 7 dagen vrolijk te zijn.

Laat God, God zijn.

Maan_in_bloed
http://thevulture.nl/page16.php

Als je weinig van iets hebt wordt het kostbaarder. Vrije tijd is daar een goed voorbeeld van, in drukke periode is een uurtje vrij een stukje rijkdom. Je koestert dat uurtje en probeert het zo goed mogelijk te besteden, want je weet niet wanneer er weer zo’n uurtje overschiet.
Misschien is dat ook wel zo met Gods tijd. We zijn ons er allemaal wel van bewust dat we in een bijzondere tijd leven. Mogelijk en voor sommige mensen met absolute zekerheid, komt Jezus op zeer korte termijn terug.
Er worden veel tekenen gezien; bloedmanen, zonsverduisteringen, sjemitahjaar, jubeljaar en getalsberekeningen die uitkomen op 7×7. (De onderstaande linken behandelen een aantal van deze tekenen, het voert te ver om hier uitgebreid op in te gaan) en de argumentering geven een hoop te overdenken.
Kortom, er is een hoop gaande.
Morgen bij zonsondergang start het loofhuttenfeest, met een vierde bloedmaan als teken. Wat zal er gebeuren? Moeten we ongerust worden, water en voedsel gaan hamsteren zoals sommige evangelisten ons aanraden. Moeten we nu gaan leven alsof ons laatste uurtje vrije tijd door onze vingers glipt? Of moeten we alle angst bagatelliseren met die ene tekst ‘niemand weet dag nog uur’.

Ik heb daar ook niet echt Het antwoord op, maar heb er wel een paar gedachten over.
Rondom de geboorte van Jezus waren vele tekenen en Paulus wijst op vele profetieën die allemaal verklaren dat Jezus de Zoon van God is, geboren in Bethlehem uit de stam van Juda, enz.
Geen van deze tekenen en profetieën konden voorspellen op welke dag dit plaats zou vinden, maar achteraf gezien was er een helder plaatje. Tekenen en profetieën worden niet gegeven om de juiste dag te raden, maar om de grootheid van God en Zijn wonderbaarlijke handelen te openbaren en te bevestigen. Het lijkt nog het meeste op een kosmische onderstreping, dat Hij de Schepper van hemel en aard, de Machtige is.
Wat naar mijn idee mis gaat, wanneer je deze tekenen en profetieën gaat hanteren als een soort van toekomstvoorspelling, is dat we als mens op een bepaalde manier de regie proberen terug te pakken. We willen zelf voorzien, mee beslissen, wanneer en op welke wijze, wij menen ons te moeten voorbereiden. Voorbijgaand aan het feit dat God de regiehouder is.
Hij is Heer.
En Hij is prima in staat Zijn volk te leiden. Toen Hij zijn volk uit Egypte riep vertelde Hij ze stap voor stap wat ze moesten doen; slacht een lam, smeer het bloed aan je deurpost, vraag goud en zilver aan je buren, eet je maal haastig….Allemaal zeer nauwkeurige geleid hoe ze moesten handelen en wanneer. Eigenlijk vertrouw ik daar opnieuw op, dat Hij door de heilige Geest meer nog als ooit, in staat is om Zijn volk te leiden.
Niet dat we al deze tekenen volkomen moeten negeren, maar laat God, God zijn.
Vertrouw hem, want door alle eeuwen heen heeft Hij zich laten zien als Betrouwbaar, Barmhartig en vol van Goedertierenheid. Zou Hij dan nu plotseling anders zijn?

Het probleem zit ´m in onze eigen angst. De angst dat we niet goed hebben geluisterd, de boodschap die vlak voor ons neus gebeurt zullen missen, de angst dat er ernstigere dingen op ons af komen als dat we kunnen verwerken…..
Ook dat is de plek waar God ons wil ontmoeten en God wil zijn, in ons hart.
Gebed: Heer laat mij vol zijn van Uw Heilige Geest, mijn ogen en oren geopend voor alles wat U wil zeggen en verlos me van mijn angst.  

http://tora-yeshua.nl/2013/11/wederkomst-van-jhwh-in-de-gestalte-van-yeshua-ha-mashiach-ben-david-met-sukkoth-2017/
http://www.wimjongman.nl/nieuws/2015/bijbels-patroon.html
http://www.cip.nl/nieuws/april-2014/41720-Bloedrode-maan:-een-teken-van-de-eindtijd

Joh.1:5 Het licht schijnt in de duisternis en de duisternis heeft het niet gegrepen.

Onze zuiderburen hebben een aantal grotten die je kunt bezichtigen, die zeer de moeite waard zijn. Bij één van die grotten (de grotten van Han)moest de groep op bankjes gaan zitten en deed men het licht uit. Dat is echt een hele vreemde gewaarwording, want er is dan in het geheel  geen licht. Je kan je hand voor je gezicht houden en je ziet ‘m niet. Je hoort de persoon naast je ademen, maar de glans van zijn ogen, gesp of wat dan ook, is niet te vinden, want er is in het geheel geen licht.
Het heeft ook iets griezeligs, je durft je niet meer te bewegen, want je weet niet waar je je voeten neer kunt zetten en wat daar in het duister is.
In die vreemde omgeving leven dieren, vissen en spinnen, die geen ogen hebben. Ze navigeren met andere zintuigen, zonder licht te kunnen zien. Ze zijn zo op hun omgeving aangepast dat zelfs wanneer wij mensen licht in de duisternis brengen, zij het niet kunnen zien.
Maar zodra iemand in die duisternis één puntje licht aan doet, hoe klein ook, dan wordt dat in de hele grot gezien. Al doet die persoon zijn handen erom heen of tracht het onder zijn trui te verstoppen, het gaat niet lukken.
Je kan licht niet vangen en in een doosje stoppen.  Het kleinste puntje licht in, wordt gezien op een plek waar licht afwezig is.
Wij zijn kinderen van het licht (1 Tess.5:5). Wij zijn het, want God is licht, in Hem is geheel geen duisternis. Soms hebben we misschien het gevoel dat we in het donker lopen en alles eng om ons heen is, maar het zal nooit die volledige duisternis zijn zoals in een grot waar elk licht ontbreekt. Onze emoties voelen soms donker, maar Hij die licht is, woont in ons. Onze emoties hebben ongelijk. Dat is misschien wat stellig uitgedrukt, maar het is zo. Soms nemen onze emoties een loopje met ons en hebben ze ongelijk. Zo kunnen we bang zijn, van dingen waar we redelijkerwijs niet bang voor hoeven te zijn of juist heel erg onverschillig over zaken die ons niet koud zouden moeten laten. Emoties hebben niet altijd gelijk.
Gods eerste woorden waren ‘er zij licht’ en er was licht.
Johannes eerste woorden gaan over het Woord, Jezus, die van het begin af bij de Vader was. 4. In het Woord was leven en het leven was het licht der mensen. Dat Leven en dat Licht heeft woning in ons gemaakt.
Waar wij ook komen, hoe duister die plek ook lijkt, toch zal ons licht worden opgemerkt. We kunnen het niet in een doosje verborgen houden. Stiekem onder de bank verstopt in een lichtdichte box….dan zouden wij daar zelf in moeten gaan zitten?! Misschien horen en zien wij geen resultaat van het licht dat wij brengen waar we komen, maar dat wil niet zeggen dat het er niet is. Misschien zijn de mensen in die duistere omgeving zo gedegenereerd, dat ze met hun geestelijke ogen het licht niet meer kunnen zien, maar dat doet niet af aan God licht in jou. Het Licht en het Leven komt binnen en dat brengt herstel en vernieuwing.
Een dubbele bemoediging in dit stuk; Het licht woont in jou, ook al kunnen je emoties je proberen te overtuigen van het tegendeel. Het licht schijnt door jou, ook als je schijnbaar geen resultaat daarvan ziet.
We kunnen het licht wel sterker laten schijnen, meer van Hem in ons.
Proclameer over jezelf: Wordt vol van Zijn licht en Zijn leven, laat het overvloedig in mij zijn.

 

Jom Kippoer

Hogepriester_op_Verzoendag
http://www.christipedia.nl/Artikelen/H/Hogepriester

De grote verzoendag

Het is misschien een beetje gek, maar als ik aan deze dag denk, Jom Kippoer, de grote verzoendag, schiet er een liedje van K3 door mijn hoofd “Kusjesdag”. Een beetje gek, frivool en heel erg mal, maar het geeft wel weer dat het een feest is. God geeft ons een grote heilige kus.
Een feest met twee gezichten, de enorme blijdschap en de diepe verootmoediging.
De zonden van de Israëlieten werden op die dag verzoend en onze zonden zijn verzoent.
Het draagt in zichzelf het loodzware van onze zonden en de oproep om je ervan te bekeren; als de verlichting van het kwijtschelden van onze last, heiliging.
Het religieuze, serieuze, ritueel, het slacht-offer en het feest om met God verzoent te zijn, de vrijheid om altijd bij Hem te mogen zijn.
Lev.16:29 in de 7de maand op de 10de der maand zult gij u verootmoedigen, en generlei werk doen, zomin de geboren Israëliet als de vreemdeling, die in uw midden vertoeft. Want op deze dag zal over u verzoening gedaan worden, om u te reinigen; van al uw zonden zult gij gereinigd worden voor het aangezicht des Heren- het is een altoos durende inzetting. -32. de verzoening zal de priester doen, die men gezalfd heeft.
In de oud testamentische beleving zijn de dagen naar Jom Kippoer, de loodzware dagen van berouw. Je zal geen enkel werk doen en ‘Je zal je verootmoedigen’ (Lev.23:32), een knieval maken voor God de Vader. Het beschrijft een houding van onderdanigheid ten opzichte van God. ‘Hij is groot, machtig en Hij heeft gelijk in alle opzichten.
Dan werd het offer geslacht en ging de hoge priester het heilige der heilige binnen.
Deze verzoendag was een voorafspiegeling van het werk van Jezus Christus en in die zin, altoos durend. Wat door Christus werd volbracht is de voortdurende reiniging van al onze zonden. Vreemdelingen, niet Joden, waren daar vanaf de oudheid af, in opgenomen. Ze hadden deel aan grote verzoendag.
De Hebreeën brief licht dit verzoenende werk van Jezus nog wat verder toe.
7:11 Indien nu het Levitische priesterschap het volmaakte had gebracht; dan had Jezus niet hoeven te komen. Dan had deze oudtestamentische verzoendag voldoende geweest en hadden wij nu dat feest gevierd.  Nu is Jezus echter opgestaan als priester in de orde van Melchisedek ( v17)- immers de wet heeft in geen enkel opzicht het volmaakte gebracht-maar thans wordt een betere hoop gewekt, waardoor wij nader tot God komen.
Jezus geeft ons (een) eeuwig durende verzoendag(en). Een betere verzoendag, niet één keer per jaar, dat we recht staan tegenover God, maar elke dag opnieuw een nieuw begin. Het offer is gebracht voor eens en voor altijd. Het is een beter, mooier feest geworden, door een beter offer.

Het onderstaande lied laat ons iets proeven van de hedendaagse beleving met de diepte van het oude testament.

https://www.youtube.com/watch?v=Misy_UOfYb0

De Bewaarder

Psalm 121

Een psalm waar ik heel vaak op terugval is psalm 121. Elke regel spreekt rechtstreeks tot mijn hart, omdat ik er een beeld aan kan koppelen.
Ik hef mijn ogen op naar de bergen, vanwaar zal mijn hulp komen?
Als enthousiast wandelaar heb ik een aantal stukken van de Alpen en de Pyreneeën mogen verkennen, dus ik weet hoe het eruit ziet om tegen een paar majestueuze bergtoppen met sneeuw aan te kijken. Maar ik begaf me ook voor het eerst daarmee in gebieden, waarbij ik me besefte dat je voorzichtig te werk moet gaan. Niet overal kom je mensen tegen en er zijn paden met gravel, smal en stijl, waar je in ernstige problemen kunt raken. En wie gaat je dan helpen?
Mijn hulp is van de Heer, die hemel en aarde heeft gemaakt.
Zijn macht gaat boven die van mensen uit. Waar mensen beperkt zijn in hun vermogen om te helpen, omdat ze nu eenmaal mens zijn, daarboven regeert U; de Ontwerper, de Maker, de Rechtvaardige, de Allerhoogste macht.
Hij zal niet toelaten dat Uw voet wankelt.
Dit is mijn grootste troost in onzekerheid, de wetenschap dat God mij bekwaam maakt, voor de dingen die Hij aan mij toevertrouwd; dat Hij bij machte is mij bovenmatig sterk en wijs te maken; dat Hij mij begiftigt heeft met alle geestelijke zegeningen in de hemelse gewesten. Dat alles beloofd Hij in zijn woord.
Mijn Bewaarder zal niet sluimeren, zie de Bewaarder van ( vul je naam in) sluimert nog slaapt. De Here is mijn Bewaarder, de Here is mijn schaduw aan mijn rechterhand.
Mensen worden nog wel eens moe en kunnen niet altijd voor je klaar staan, ze hebben ook een eigen leven en hun eigen zorgen.  Soms hebben andere zaken hun aandacht nodig en kunnen ze er niet voor je zijn, maar mijn God is er altijd. Hij wordt er nooit moe van, als ik weer kom met hetzelfde probleem. Sterker nog, ik denk dat Hij er blij mee is. Liever een kin d wat steeds weer aan komt kloppen, die Hij raad en sturing kan geven, als een kind wat niets van zich laat horen.
De zon zal u des daags niet steken, noch de maan des nachts.
Deze zin verbind ik met mijn wandelervaring in de bergen, maar misschien heb jij nog een aantal andere associaties. In de bergen kunnen hitte of kou je flink in de problemen brengen, door uitdroging of onderkoeling. Zo ook onze geestelijke temperatuur. Wanneer situaties te hoog oplopen lopen we het risico op een burnout, maar wanneer we te ver van God verwijdert raken sterft ons leven met hem een stille dood. De inwoning van de heilige Geest beschermt ons tegen beidden.
De Here zal mij bewaren voor alle kwaad. Hij zal mijn ziel bewaren. Hij zal mijn uitgang en mijn ingang bewaren, van nu aan tot in eeuwigheid.
Terug kijkend kan ik zien dat er in mijn leven een aantal keren deuren abrupt dicht zijn gegaan. Dat is schrikken op het moment dat het gebeurd, maar achteraf kan ik zien100_5430 dat hij me voor erger heeft beschermt. Hij heeft mij uit situaties gehaald die niet meer gezond waren, in mijn trouw was ik misschien nog doorgegaan, als er niet een drastische gebeurtenis had plaats gevonden.
Maar er zijn ook deuren gesloten gebleven, hoe graag ik dat ene misschien ook had gehad, het is niet doorgegaan. Zijn beheer over mijn uitgaan en ingaan, geeft me echter het vertrouwen dat het goed is, ook als gewenste deuren niet open gaan. Misschien kan ik nu nog niet zien, waarom het beter is, maar ik vertrouw U.
U houdt zoveel van mij, dat U datgene wil bewaren, wat mij “mij”, maakt. Mijn ziel, mijn unieke persoonlijkheid. Het was Uw vreugde om dat te scheppen en het is Uw vreugde om dat van mij te bewaren, tot het einde toe. Mijn Bewaarder sluimert nog slaapt.

https://www.youtube.com/watch?v=9g4eqKDkDiw
Brian Doerksen psalm 121

Volharding

Rom.5:3 Wij roemen ook in de verdrukking, daar wij weten dat de verdrukking volharding uitwerkt

runners-373099_640
https://pixabay.com/nl/lopers-mannelijke-sport-run-atleet-373099/

Er is kennelijk druk voor nodig om bepaalde eigenschappen goed te ontwikkelen, zoals er hitte nodig is om een cake te bakken.
Bij een cake kan je eieren, bloem en boter in de juiste verhouding bij elkaar gooien, maar zonder hitte zal het nooit een cake worden. Het luistert zelfs vrij nauw om er een goede cake van te maken. De temperatuur, tijd en plaats in de oven moet wel kloppen. Haal je de cake te vroeg eruit dan is hij niet gaar, komt er koude lucht bij dan stort de cake in.
Afijn iedereen die wel eens bakt heeft dat ervaren, maar mensen zijn geen cake, denk je misschien. Dat klopt, maar toch gaat de vergelijking aardig op. Als je een kind wil leren rekenen en je legt alleen een boekje en schrijfmateriaal voor zijn neus, dan zullen de meeste kinderen daar niet van leren rekenen. Er is een leraar voor nodig, die niet alleen uitlegt, maar ook druk uitoefent om nog even door te zetten en het hele rijtje sommen af te maken. Met het corrigeren van negatief gedrag zie je dat wanneer de consequentie/ temperatuur van de maatregel te licht is, het kind geen reden heeft om het gedrag aan te passen. Maar is de maatregel te zwaar, dan “verbrand” er iets in de ziel, waardoor het resultaat niet zo verteerbaar is als dat de bedoeling was.
We hebben volharding nodig om te verkrijgen hetgeen beloofd is (Hebr.10:36). Dat is lastig in een maatschappij van magnetron en kroketten uit de muur. Zelfs in bepaalde stromingen in het geloof is volharding geen populair onderwerp en is men van mening dat instant probleem-oplossers in de Bijbel worden aangeraakt. Maar of we nu het tegendeel uit de Bijbel kunnen aantonen, maakt voor de praktijk niet uit. Er zijn nu eenmaal situaties in ons leven die zich niet direct oplossen, waarmee God onze volharding traint. Dat voelt misschien niet altijd fijn, maar als er één Meester is die weet wat Hij doet, dan is Hij het wel. We mogen erop vertrouwen wanneer God ons volhardingstraining geeft, Hij de tijd, plaats en temperatuur controleert.
We hebben volharding nodig in het koninkrijk Gods, om de wedloop te lopen (Hebr.12:1), om ons geloof te behouden in een wereld waarin we verdrukking lijden. Het is zo gemakkelijk om op te gaan in ons dagelijks leven en ons over te geven aan tv en social media. Er is een volharder voor nodig om de knop uit te zetten en te kiezen voor Gods zaken.
Je hebt volharding nodig om vrucht te dragen , zegt Lucas 8:14, in de gelijkenis van de zaaier. Een appelboom kan bloeien, groeien, maar er zijn sterke takken voor nodig om gezonde appels te dragen, en te blijven dragen. Vrucht dragen vraagt om een keus, om het elke keer weer opnieuw te doen. Niet alleen wanneer wij er zin in hebben, maar wanneer God ons zegt die ander ermee te zegenen.
We hebben volharding nodig voor gebed (Ef.6:18). Je kan nu een discussie starten hoe, vaak en hoe lang, je voor iets moet bidden, maar het feit ligt er dat de Bijbel zegt “Bidt met aanhoudend bidden en smeken in de Geest daartoe wakende met alle volharding…” . dus zo lang de Heilige Geest het onderwerp op de agenda zet, zullen wij bidden voor dat geen hij onder onze aandacht brengt.
Onze focus gaat misschien uit naar het proces hoe volharding in ons leven tot stand komt, maar misschien is het beter om ons te focussen op de zaken waar we het voor nodig hebben. En dan mogen we trots zijn op het resultaat.
jaag naar gerechtigheid, godsvrucht, geloof, liefde, volharding en zachtzinnigheid..”, (1 Tim.6:11) Jaag het na, maak er je doel van om te doen wat je voor God doet en het te blijven doen, totdat Hij zegt dat het genoeg is. Laat de temperatuur, de plaats en de tijd aan Hem over. Hij is prima bij machten om dit te regelen, want onze tijd is in Zijn hand.

Heer vergeef me waar ik uit Uw proces ben gestapt om mij volharding te leren. Help me met Uw liefdevolle hand terug naar de plek waar U mij wil hebben.
Help me te focussen op het doel waarin U mij wil doen volharden.
Vul mij met Uw vuur zodat het niet moeilijk zal zijn om door te gaan, in Jezus naam.

https://www.youtube.com/watch?v=fbeOLKuDtTg
I got my mind made up and I wont turn back

Terug kijken

Psalm 78 draagt de titel “les der geschiedenis”. Het is het maken van een pas op de plaats en nog eens terug kijken wat er nu eigenlijk is gebeurd.
Als je niet terug kijkt kan je niet leren van hetgeen er is gebeurd, maar de Bijbel kijkt terug vanuit een specifieke richting. Het gaat er niet om wat wij als mensen hebben gedaan en hoe we hebben gefaald, want dat we falen is simpelweg een feit. Het gaat erom wat God heeft gedaan, hoe Hij heeft gehandeld ondank menselijk falen. En dat handelen is wonderlijk, als je dat even op je in laat werken.
Het menselijke handelen is maar al te herkenbaar uit ons eigen leven. v8-11 Verteld dat de vaderen weerbarstig waren, ze onderhielden het verbond niet, faalden in het onderhouden van de wet, maar…..v12 God deed wonderen, leidde hen met een wolk en een vuurkolom, kliefde de zee en voorzag het volk van water. Wat is dat voor een handelen?
v17-21 Het volk bleef zondigen, actief en stelde vragen vanuit ongeloof, zoals ook wij dat vaak doen. God werd er verbolgen over, een ouderwets woord ‘verontwaardigt en ontstemd’ zegt van Dale. Terecht toch? Stel dat één van je huisgenoten voortdurend alle huisregels overtreedt en insinuerende vragen stelt, dan gaat het je toch op zijn minst irriteren. Die persoon ga je toch zeker niet voorzien van allerlei zaken waar die steeds om zeurt?
Gods antwoord? Hij opent de hemel en geeft ze manna! V25 ‘brood der engelen at ieder’.
Het verhaal staat in Exodus en Numeri veel uitgebreider waardoor het lastiger wordt om overzicht te krijgen, maar ontdaan van alle franje is dit wel waar het op neer komt. Het volk moppert, verzet zich en zou het liefste naar Egypte terug, alsof God te eng is om te vertrouwen…..en Hij geeft ze te eten.
Gedurende de gehele reis, ongeacht de houding van het volk, geeft God ze te eten, te drinken, hun spullen slijten niet, Hij openbaard zichzelf op Sinai, Hij geeft hun menselijke leiders, Hij geeft ze leefregels, Hij geeft ze de tabernakel………ondanks al hun gedoe!
v.38 Hij wendde menigmaal Zijn toorn af en wekte Zijn volle grimmigheid niet op; Hij gedacht dat zij vlees waren, een ademtocht.
Kwetsbaar zijn we, Gods brozen vaatwerk, uit stof gemaakt. Hij weet het als geen ander en vergeld ons niet naar wat we hebben gedaan.100_5463
Op dezelfde wijze terug kijken op onze eigen verhalen , is het soms lastig die hoofdlijnen eruit te halen. Er is eerst een beetje afstand voor nodig om zaken tot de essentie terug te kunnen brengen. Maar als je alle emotie eraf poets, en kijkt naar concrete gebeurtenissen en concrete handelingen, dan zou het zomaar kunnen dat er ook in jou leven bijzonder verhalen liggen van Gods liefde en voorzienigheid.
Vraag de heilige Geest maar eens om je te helpen terug te kijken vanuit Gods perspectief. Het zou zomaar kunnen dat Hij een heel ander idee heeft over die ene gebeurtenis in jou leven die jij als een falen beschouwd. En mogelijk zie je plotseling Gods voorziening in de situatie, wanneer je hetgeen je als een falen beschouwt, van de situatie afpoets en Zijn hand ziet te midden van dat alles.
Dat zijn de ervaringen die we nodig hebben om vast gehecht in Hem te groeien. Dat is het soort evalueren wat ons helpt te groeien en sterker te worden in ons geloof, dat God betrouwbaar is.
Betrouwbaar, dwars door de woestijn heen, betrouwbaar wanneer je achtervolgt wordt door vijanden, betrouwbaar als ik zondig, betrouwbaar als ik noden heb, door en door betrouwbaar.

 

Een hoopvolle toekomst

Jer.29:11 Want Ik weet welke gedachten Ik over u koester, luidt het woord des Heren, gedachten van vrede en niet van onheil, om u een hoopvolle toekomst te geven.

Kan je je voorstellen dat God dit sprak tegen zijn volk in Babylonië, in de ballingschap=
Het volk moest de straf dragen voor hun ongerechtigheden en hun afgoderij. Ze waren meer dan 1x gewaarschuwd, ze hadden ruim de tijd gekregen om met hun zonden te breken en zich te bekeren, maar hadden dit niet gedaan. Nu was Jeruzalem vernietigt, de tempel met de grond gelijk gemaakt en al het volk van enige betekenis naar het buitenland afgevoerd.
Ze hadden de gevolgen van hun handelen verdient en God nam het niet weg.
Herkenbaar? Soms zijn er problemen in ons leven die gevolg zijn van onze eigen handel en wandel. We kunnen het proberen te verdedigen waarom we het hebben gedaan, zoals we het hebben gedaan. We kunnen aanwijzen wel aandeel anderen hebben gehad aan ons lot,  maar dat neemt de gevolgen niet weg. We kunnen er alleen maar lering uit trekken en bedenken :”Zo wil ik het de volgende keer niet meer doen”. Verdedigen en/of afschuiven geeft geen andere uitkomst. Sterker nog, door niet te kunnen/willen leren van hetgeen ons gebeurd, lopen we het risico dat het ons de volgende keer weer gebeurd!
De profeet Jeremia moest aan de ballingen schrijven, voorafgaande aan de belofte v29:4-7 , dat het volk huizen voor zichzelf moest bouwen en voor vrede moest bidden voor de stad waarheen ze waren weggevoerd, want het zou nog een hele poos gaan duren! Dan zou je toch denken dat God echt boos op ze is en het helemaal gehad heeft met ze.
En dan te midden van die gevolgen, spreekt God en zegt nog steeds gedachten van heil over hen te hebben. Hij denkt niet met wrok, boosheid of verwijt aan wat is gebeurd. God denkt liefdevol over ze, met ontferming. Hij denkt aan opbouw, herstel en aan een nieuwe weg.
Het is misschien een verwarrende, droevige, beklemmende plaats, die “ballingsschapspositie”, maar God is en blijft dezelfde. Hij houdt nog steeds van ons.
We moeten ons niet laten misleiden door de emoties die de gevolgen van onze zonden en overtredingen te weeg brengen. We mogen die emoties niet projecteren op God en hoe Hij over ons denkt, of over onze toekomstmogelijkheden.DSC_1170
Aan het volk in Babylonië had God een tijd beschikt, 70 jaar zou het gaan duren. Dat is geen misselijke straf.
In de psalmen die in de ballingschap geschreven zijn, lees je die worsteling terug. Bijvoorbeeld in Ps77 waar de schrijver met die problemen worstelt en zegt: Zou God ons voor altijd kunnen verstoten? Zou de rechterhand des Heren kunnen veranderen?
Als je naar de situatie kijkt, als je midden in het proces zit zou je het haast gaan denken. Maar als ze denken de manier waarop God zijn weg met het volk is gegaan en aan de beloften die Hij aan het volk heeft gedaan, dan weten ze dat God niet verandert is.
Zijn beloften zijn “ja” en “amen`.